Paardekastanje

 

Aesculus hippocastanum (bot.)

Horse-chestnut (Eng.)

Châteigne (Frans)

Roßkastanie (Duits)

 

Hippocastanaceae - kastanjefamilie

 

Het is feest als in de lente de paardekastanje met zijn grote, witte of rode, kegelvormige kaarsen in bloei staat! Geen andere loofboom tooit zich zo stralend met zijn bloemen als deze boom. In ieder jaargetijde is hij spectaculair met zijn brede kruin, zijn grote, handvormig samengestelde bladeren, zijn gele herfstkleur, zijn grote, glanzend bruine zaden - verpakt in stekelige bolsters en imposante takkenstelsel.

 

Herkomst

De paardekastanje is inheems in de dalen van het middengebergte van de Balkan, vooral in Griekenland en Klein-Azië. In de 17e eeuw werd hij via Constantinopel en Wenen naar West-Europa gebracht. Kastanjebomen komen we tegenwoordig tegen in parken, grote tuinen, bij boerderijen en op oude buitenplaatsen.

bloeiende Paardekastanje

 

Naamgeving

Wat heeft de paardekastanje met paarden te maken? Dat zit zo: in het land van oorsprong hadden de Turken de gewoonte om hun paarden gekookte kastanjes te voeren als deze aan hoest leden. Dat scheen te helpen.

De naam kastanje is gerelateerd aan de eetbare tamme kastanje omdat hun stekelige zaadbolsters op elkaar lijken. Deze bomen zijn niet verwant.

 

Plantkenmerken

De paardekastanje is een grote loofboom die tot 30 meter hoog kan worden en een brede, gewelfde, dichte kroon heeft. Wanneer in het najaar het blad valt, heeft hij al nieuwe knoppen gevormd. Deze beginnen in april van het jaar daarop te zwellen. Dan weten we dat de lente echt in aantocht is. De knoppen zijn groot en glanzend roodbruin. Ze worden al in de winter kleverig en bevatten de aanleg van een bloeiwijze en van bladeren. In zo’n knop bevindt zich een wollig dons waarmee het tere weefsel tegen kou en vocht beschermd wordt. De volledige bloemtros is daar in aanleg al aanwezig. Als je in het vroege voorjaar een tak van een paardekastanje binnenskamers in een vaas zet, kun je observeren hoe bloem en bladeren zich langzamerhand uit hun bedje van dons ontworstelen.

Wanneer er buiten voldoende licht en warmte zijn, lopen de bloem - en bladknoppen uit. In een vrij korte tijd is de boom getooid met op witte kaarsen lijkende bloemtrossen. De afzonderlijke bloempjes bestaan uit een vijfdelige kelk en een onregelmatige vier - tot vijfdelige kroon. De kroonbladeren zijn wit met aan de basis binnenin een eerst gele, later rode vlek. Er zijn 7 lange, sierlijk gebogen meeldraden. De bloemtrossen kunnen tot 30 cm hoog worden. Niet alle bloemen hebben een stempel. Een groot aantal is mannelijk. Insecten smullen van de nectar van beide geslachten.

blad-en bloemknop

De tweeslachtige bloemen vormen de welbekende kastanjes, die omgeven zijn door een stekelige bolster. Het zijn tot 6 cm grote doosvruchten. Zij bevatten meestal 3 grote, glanzend bruine zaden met een ronde grijsachtige vlek, een ‘navel’ waarmee het zaad aan een streng heeft vastgezeten.

Kastanjes zijn fantastisch kinderspeelgoed. Je kunt er figuren en autootjes mee samenstellen of mandjes of andere voorwerpjes van snijden.

De handvormig samengestelde bladeren staan aan een lange steel en hebben vijf tot zeven blaadjes. In het jeugdstadium zijn deze geelwit viltig behaard en hangen op een speciale wijze rond de bladsteel. Na het afwerpen van de bladeren in het najaar blijven op de takken grote littekens achter.

bloeiende tak

 

Gebruik

De zaden bevatten bittere looistoffen, die o.a. gebruikt worden bij de bereiding van geneesmiddelen.

Vroeger maakte man uit de olie een soort zeep. Kastanjes zijn, net als eikels, geschikt voer voor varkens, wilde zwijnen en herten.

Het hout is wit en laat zich gemakkelijk splijten. Er worden platte voorwerpen van gedraaid.

De grootste waarde heeft de paardekastanje als sier-en schaduwboom.

 

Soorten

Een aantal soorten werd in de 18e eeuw uit de V.S. geïmporteerd. Deze blijven kleiner in hoogte en omvang en zijn geschikt om als solitair in een kleinere tuin geplant te worden. Deze soorten hebben ook kleinere vruchten die meestal ongestekeld zijn.

Er bestaat ook een paardekastanje die wel bloeit (meestal rood), maar geen vruchten ontwikkelt, de Aesculus hippocastanum ‘Baumanii’, geschikt als straatboom omdat gevallen kastanjes op trottoirs wel eens tot ongelukken kunnen leiden.

 

Minder hoge soorten:

Aesculus mutabilis ‘Induta’ (4 – 7 m) bloeit roze met geel.roodbloeiende Paardekastanje

A.parviflora (4 – 6 m) bloeit crème wit.

A. parvia ‘Humilis’ ( 4 – 6 m) bloeit rood.

 

Hoge soorten:

A.hippocastanum ‘ Pyramidale’ ( 8 – 12 m) bloeit wit.

A.Hippocastanum ‘Umbraculifera’ (8 – 12 m) bloeit wit.

 

Alle paardekastanjesoorten zijn bladverliezend, winterhard en vorstbestendig.

bloemen van Aesculus mutabilis 'Induta'   

Planten en snoeien

Voor het planten van een paardekastanje is een voedselrijke, vochthoudende zand - of leemgrond gunstig. De jonge boom moet aan een paal vastgebonden worden. Hij heeft veel ruimte nodig en komt het best tot zijn recht als solitair.

Het is belangrijk dat de kroon open van structuur blijft. Bij een te dichte kroon kunt u eventueel uitdunningsnoei toe passen nadat het blad is afgevallen.

 

Plagen

In mijn jeugd zaten er in paardekastanjes veel meikevers die zich aan het blad tegoed deden. Dat komt tegenwoordig nauwelijks meer voor omdat meikevers zo goed als uitgestorven zijn.

Sinds ca.10 jaar hebben kastanjebomen veel last van te vroeg bruin wordend en verschrompelend blad (al vanaf augustus). Dit verschijnsel wordt veroorzaakt door mineermotjes die in grote hoeveelheden eitjes op de bladeren afleggen. Daaruit ontwikkelen zich piepkleine maden die het sap uit de bladeren zuigen. Dit verschijnsel komt veel voor in Oost -Europese landen zoals Roemenië, Bulgarije en Hongarije. Men neemt aan dat – na het verdwijnen van het IJzeren Gordijn – de motjes via het vrachtverkeer naar West-Europa gekomen zijn, als lifters dus. bloemen van Aesculus parviflora

De beste manier om deze plaaggeesten te bestrijden is om het afgevallen blad zo snel mogelijk te verzamelen en te verbranden.

Sinds 2003 experimenteert een Zwitserse botanicus met het toepassen van een neemboom-emulsie op de wortels van kastanjebomen. Neem is een tropische boom, die oliehoudende nootjes produceert. Neemolie is al lang o.a. in India bekend als natuurlijk geneesmiddel tegen allerlei kwalen en als bestrijdingsmiddel tegen schadelijke insecten.

De boom neemt de toegepaste vloeistof via de wortels op en beïnvloed het hele watersysteem. Deze methode is succesvol gebleken doordat de hormoonhuishouding van de motten in de war raakt. Zij

 worden onvruchtbaar en raken zodanig in de war dat zij geen partner kunnen vinden om mee te paren.

 

Sinds enkele jaren hebben onze kastanjebomen ook last van de zogenaamde bloedingsziekte, waarbij uit een bastspleet een bruinrode vloeistof druppelt. Daardoor verzwakt de boom en gaat hij dood. Op het moment is men druk bezig om de veroorzaker van deze ziekte te achterhalen.     jonge vruchten    bloemen en vruchten, ook dat is mogelijk!

 

 

Startpagina        Loofbomen